maandag 14 juli 2008

Chile & Peru, Reis MotoAventura Juni 2008

Reis MotoAventura, Chile - Peru, Juni 2008

Na 23u reizen (vlucht Brussel - Madrid - Santiago - Antofagasta) zijn we eindelijk aangekomen in Antofagasta, het beginpunt van onze motorreis.
We hebben tijdens de lange vlucht wel regelmatig de ogen kunnen sluiten maar zijn verre van uitgerust. De beenruimte was eerder beperkt, dus van comfort was niet echt sprake.
Gelukkig konden we de tijd doden met films, muziek en videospelletjes.

Omdat we in Santiago enkele uren moesten wachten op de verbinding naar Antofagasta, kozen we ervoor de hoofdstad te gaan verkennen. Ik zelf was hier tijdens mijn vorige reis naar Chili, nu 6 jaar geleden, al geweest maar de anderen nog niet. Een taxi reed ons voor 30 dollar per persoon van de ene bezienswaardigheid naar de andere.
We zagen de Plaza de Armas, het presidentieel paleis, het gerechtsgebouw, het Cerro Santa Lucia park, Cerro San Cristobal met het 15 meter hoge Maria beeld, enz.
Vanop de heuvel van San Cristobal was goed te zien hoe de stad onder een nevelsluier (fog) gehuld lag.
Na afloop keerden we terug naar de luchthaven om door te vliegen naar Antofagasta.

We arriveerden hier omstreeks 17u30 en werden opgewacht door Roberto, oprichter van MotoAventura en onze reisgids voor de komende twee weken.
Na een opfrissing in het Holiday Inn hotel aan de kust trokken we naar de stad voor een avondmaal. Dan vroeg naar bed.

De volgende dag begonnen we met een stevig ontbijt en een wandeling door de stad. Het was aanvankelijk bewolkt maar even later klaarde alles open. Vlakbij de haven viel ons oog op een gigantische oude dokkraan, gebouwd in 1921 in Bath, Engeland.
Aan de haven zagen we ook de eerste pelikanen en zeeleeuwen. Zij vochten om de vis die hun toegeworpen werd door een visser (om ons te plezieren en tegen een kleine betaling uiteraard).
Op de Plaza de Armas vond een zangfeest plaats en het bulkte er van het volk, gezellig wel. Het was zondag vandaag en vadertjesdag, alle winkeltjes waren open.
In het treinstation merkten we goederenwagons op volgestouwd met koperplaten, koper gewonnen in de naburige mijnen. Een kapitaal waard!


Tegen dat we terug aan het hotel waren, was de rest van het team aangekomen: 2 Canadezen (Carl en Laury) en 3 Amerikanen (een vader met zijn 2 dochters - Richard, Katherine en Meghan).
´s Avonds werd de administratie afgehandeld door Roberto's wederhelft - Sonia - en kregen we onze eerste briefing. Dan sloten we af met een gezamelijk maal in de stad. Toasten deden we met Pisco Sour, de nationale drank van Chili en Peru.

Het is maandag en we vertrekken om 09u. We tanken nog eerst aan de rand van de stad en rijden dan de woestijn in. De rit is fantastisch, het landschap zo mooi en zo anders dan we gewoon zijn. 
In deze streek heeft het al honderden jaren niet meer geregend. 


De motoren, BMW F 650 GS, vallen goed mee en rijden heel soepel. Enkel Roberto en Richard rijden op een R 1200 GS: zij hebben elk een passagier achterop. Sonia en Jacinta volgen de karavaan met een Chevrolet pickup.
We doorkruisen de zoutvlaktes van de Salar de Atacama en maken verderop een stop om flamingo's in hun natuurlijke biotoop te bewonderen. De fotocamera's lopen heet.



Laat in de namiddag pas komen we aan in San Pedro de Atacama, de toeristische trekpleister van dit gebied. Het is een dor stadje met heel wat gezellige pensionnetjes, restaurantjes en winkeltjes.
We laden de bagage af en frissen ons weer op.


Vermits we morgen vroeg op moeten, gaan we na het avondmaal slapen. Wanneer we naar het restaurant lopen en naar boven kijken zien we een sterrenhemel die we nog nooit gezien hebben. 
Nooit geweten dat er zoveel sterren waren. Hier kunnen we werkelijk minuten naar staren. Zelfs de melkwegen zijn hier zichtbaar. Gewoon fantastisch.

De volgende dag worden we om 3u30 gewekt (leuke vakantie, nietwaar?). Het hotel voorziet ons van een ontbijtpakket en dan brengt een busje ons over ronduit slechte wegen steeds maar hogerop naar de Tatio geisers. De rit duurt zo´n 2 uur en we proberen toch te slapen. Door het horten en botsen lukt dit niet 
echt.
De zon begint langzaam op te komen wanneer we aankomen. We 
bevinden ons op 4200 meter hoogte. Stoompluimen rijzen op en de 
activiteit neemt toe per minuut. Het is hier zo´n 10°C graden onder nul.



Een deskundige gids vertelt ons met heel veel humor alles over de geisers terwijl ondertussen het kokende water opborrelt. 
Afhankelijk van de aanwezige bacterien kleuren de geisers geel, groen of rood. Eitjes worden ter plekke gekookt en als ontbijt aangeboden.
Apart sfeertje. Even verderop besluiten enkele dapperen een bad te nemen in water van 40 graden celcius. Ik wandel wat verder maar keer dan op mijn passen terug. Mijn bewegingen zijn zeer moeilijk en ik heb adem tekort. Ook voel ik me een beetje duizelig. Blijkbaar ben ik niet de enige en klagen nog anderen over hetzelfde fenomeen.
Dit is de eerste kennismaking met hoogte en waarschijnlijk een voorsmaakje voor wat ons nog te wachten staat. We keren terug naar onder, doorkruisen de Altiplano (hoogvlakte tussen Chili en Bolivie), stoppen echter eerst nog even in een klein plaatsje om gegrild lamavlees op een spiesje te proeven. Niet slecht!
Onderweg zien we nog een kleinere lamasoort - guanaco's - en kleine struisvogels – nandu's.


Het is 12u20 wanneer we terug in het stadje aankomen en de komende uren slenteren we er wat rond.
´s Namiddags om 17u rijden we weer uit met de motoren en bezoeken we de Valle de la Luna, de Maanvallei, in de Cordillera de la Sal. Het ligt zo'n 13 kilometer verder. Het bestaat uit steen- en 
zandformaties die over de eeuwen heen door vloed en wind ontstaan zijn. We kiezen dit tijdstip om in dit onnatuurlijke landschap de zonsondergang mee te maken. Ondertussen wanen we ons werkelijk op de maan. Enkele prototypes van Marsverkenners werden hier uitgeprobeerd. De moto´s laten we staan en een gedeelte van ons klimt verder naar de top van de berg om optimaal zicht te hebben. Wanneer de zon verder zakt, veranderen de kleuren van het landschap en krijgen we een fantastisch spektakel te aanschouwen.
Na deze sensatie keren we weer terug naar het hotel, genieten een gezamenlijk avondmaal en trekken naar bed.




Vandaag is het woensdag. We rijden terug naar het Westen en naar de kust. Ook nu gaat het weer over ontzaglijke vlaktes en eindeloos rechte wegen. De wind waait stevig en we moeten het stuur stevig vasthouden. De kust is gehuld in wolken en mist. Het is hier meestal zo. De rit naar het noorden gaat via de kustweg en we genieten permanent van mooie uitzichten op de oceaan.


Omstreeks 17u komen we aan in Iquique, we hebben een goede 400 km afgelegd.
Seffens eten en briefing voor morgen.
Ik hoop dat de tijd nog even stil blijft staan.

Het is vrijdag 27/6 20:52u.

We bevinden ons nu in Peru! Gisteren zijn we de grens overgestoken in Arica en vervolgens doorgereden naar Tacna. 
Tijdens de rit naar Arica hebben we nog een salpetermijn bezocht, geklasseerd als Unesco werelderfgoed. De Humberstone fabriek ligt op zo'n 48 kilometer ten oosten van Iquique en dateert van 1872. 
Het werd voorgoed verlaten in 1960.



De grensovergang ging niet echt soepel, er kwam heel wat papierwerk en geduld bij kijken. We hadden het gevoel dat eigen volk voorrang kreeg en dat men ons als buitenlandse toeristen minder graag bediende. In Tacna hebben we niet meer veel rondgewandeld, dit werd trouwens door iedereen afgeraden. Het is
een grensstad en kent toch heel wat criminaliteit (oa. zakkenrollers).

Vandaag, vrijdag dus, zijn we doorgereden naar Arequipa, de tweede grootste stad van Peru (800.000 inwoners). Ons hotel ligt helemaal in het midden van de stad, op de Plaza de Armas. De rit hierheen was absoluut geweldig, de mooiste tot hiertoe. Was weer volop genieten van de weide omgeving, van de prachtige uitzichten en de eindeloze wegen. Sommige stukken waren dan weer zeer bochtig zodat we ons met de motor konden uitleven.


Bij het binnenrijden van Arequipa was het opletten. Het is een grote stad met een hectisch verkeer. Hier heerst de wet van de sterkste of de snelste. De moto´s werden afgeladen en verderop geparkeerd. We zitten op 2380 meter hoogte en ook nu weer voel ik me aanvankelijk wat loom in de benen en heb een licht duizelig gevoel. Gaat even later echter over.
De stad zelf is werkelijk FANTASTISCH!! Het is prachtig weer en de vele kleuren overvallen ons. Op de achtergrond zien we de vulkaan El Misti. Het is een drukte van jewelste en overal zijn winkeltjes met
handwerk en juwelen. Dit is THE PLACE TO BE voor truien, sjaals of hoedjes uit lama- of alpacawol. Vooral de Ekeko gallerij biedt een prachtig aanbod aan kwaliteitsproducten. Je wordt voortdurend
aangesproken en men probeert van alles aan je te verkopen maar er wordt niet aangedrongen. De mensen zijn ontzettend vriendelijk.





Er lopen hier ook mooie indiaantjes rond ;-). Er zijn overal gezellige terrasjes en restaurantjes. Hier kan ik gemakkelijk een week slijten.
We zijn net terug van het avondmaal. Heel lekker gegeten: bife de alpaca en cuy, oftewel lama- en caviavlees!! Sorry voor de dierenliefhebbers onder jullie.
Voila, nu nog een Pisco Sour achterover slaan en dan weer slapen.

Morgen trekken we verder naar de Colca Vallei (ca. 3700 meter hoog). Tijdens de rit zullen we tot over 5000 meter gaan.
Overmorgen is het dan weer vroeg opstaan om condors gade te slaan.

Het is zaterdag 28/6 17:25u.

Vandaag zijn we wat later vertrokken uit Arequipa. Roberto, onze reisgids, had nog een verjaardagstaart tegoed van het hotel en dit werd opgediend om 10u30. Ondertussen konden we vanop het balkon de mensen gadeslaan op de Plaza de Armas.Leuk. Enkele dronkaards werden door de politie verjaagd van een bankje maar konden amper recht. Een van hen was slechts met licht geweld tot bewustzijn te brengen. Even later strompelden ze weg om achter een hoekje waarschijnlijk weer in elkaar te stuiken.
Een heel spektakel. Het weer is opnieuw stralend.

Even later reden de motoren uit en ging het richting Colca Vallei.
Dit was weer puur genieten. Ongelooflijke passen en bochtige wegen. Hebben tijdens het rijden ettelijke foto´s gemaakt.



Naarmate we hoger kwamen werd de lucht ijler. Op maximale hoogte zaten we tegen de 5000 meter.
Deze keer heb ik niet veel last gehad. Onderweg doorheen het Nationaal Park 'Aguada Blanca' zagen we vicunya´s (kleine lama´s) en even later ook de volgroeide soort, de llama´s. De vicunya's zijn met uitsterven bedreigd en beschermd. Op grote hoogte langs de wegkant kwamen we enkele kleurrijk uitgedoste familie´s tegen met koopwaren. Te leuk om door te rijden. Natuurlijk probeerden deze mensen wat bij te verdienen en... dat lukte ook.


Ze waren in traditionele klederdracht en hadden schattige kindjes en lamapuppies bij.
Er werden heel wat foto´s geschoten.





 

Nog wat later kwamen we aan in Chivay (hoogte 3800 meter), een prachtig dorpje tussen de bergen. Hier verblijven we in hutjes. Het stadje is zeer charmant, schitterend. Een deel van ons team trekt naar La Calera voor een thermisch bad.
Seffens gaan we weer eten met de ´familie´en morgenvroeg gaan we de condors bezichtigen.
Deze reis wordt elke dag beter en mooier.

Het is dinsdag 1/7 10:15u.

Ben even achter geraakt... so here we go...

Zondagmorgen mochten we weer extreem vroeg opstaan om naar de condors te gaan kijken. Dit viel niet echt mee daar mijn kamergenoot vannacht wel echt zijn best gedaan had. Wist niet dat een menselijk lichaam zoveel geluid kon voortbrengen. Overigens was ik niet de enige die hier last van had gehad. Ook de Engelse
buren, nadat ze begrepen hadden wat de overlast veroorzaakte, hadden op de muren zitten bonken en hadden gesmeekt om stilte.

Om 05u45 vertrokken we dan met 3 taxi's en de jeep naar de Colca vallei, twee maal zo diep als de Grand Canyon. Over slechte wegen en hotsend en botsend ging het steeds maar hoger. Ondertussen kregen we spectaculaire zichten te verwerken. De bergflanken waren opgebouwd uit plateaus om landbouw mogelijk te maken en irrigatie te optimaliseren. En onderweg natuurlijk weer haltes met verkoop van handwerk en cactusvruchten. Is echter niet storend en zoals steeds zijn de mensen vriendelijk en helemaal niet
opdringerig. Levert bovendien steeds leuke plaatjes op.

We stoppen eerst nog in het dorpje Yanque om naar het schouwspel van de 'dansende meisjes' te kijken. Elke morgen bij dageraad voeren zij een traditionele dans uit op het centrale plein voor het kerkje. Omdat enkel de meisjes uit de omgeving mochten meedansen, begonnen de jongetjes zich te vermommen en
incognito met hun vriendinnetjes mee te dansen.



Na zo'n kleine 2 uur dan toch helemaal boven geraakt. We waren hier duidelijk niet alleen. Vanop dit punt, El Cruz del Condor, hadden we een schitterend zicht op de vallei en de diepte. Echter geen condor te zien. Tot na zo'n 10 minuten heel in de verte de eerste te bespeuren viel. Even later nog enkele meer. De vogel is
de grootste ter wereld en heeft een spanwijdte van wel 3 meter.
We waren vertrokken met 0 graden celsius en het was nog steeds fris. Naarmate het warmer werd echter, ontstond er meer thermiek en gingen de vogels hoger zweven. Nu kwamen ze echt dichtbij.
Michel heeft zo'n 600 foto's gemaakt!!!





Tegen de middag waren we weer terug in het stadje en konden we onze eigen gang gaan.

Maandagmorgen al weer een vroege start... dit is geen vakantie voor luierikken :-)
Om half zes zijn we vertrokken voor een rit van 650 kilometer naar het oosten, bestemming Cusco.

Het vroor minus 5 graden in de morgen en dat maakte het genieten op de moto iets minder vanzelfsprekend. Gelukkig was mijn motor voorzien van handvatverwarming. De route was weer spectaculair en we maakten een goed tempo. Naarmate we vorderden kregen we meer groen te zien. Tot zover was het landschap redelijk dor geweest. Hier zaten we terug in de vegetatie. Onderweg hele kuddes van lama's en schapen. Het was voortdurend opletten voor honden langs de weg. Het land krioelt van de loslopende honden zonder eigenaar. In de vele dorpjes die we doorkruisten moesten we ook steeds oog hebben voor voetgangers, fietsers, brommers en kleine taxis. Hier gelden niet al te veel regels. Onze gids werd bijna van de weg gereden door een klein busje dat plots de weg opdraaide.
De doortocht door een grotere stad was al helemaal een belevenis. Je claxon gebruiken en redelijk assertief zijn is hier de boodschap. Tegen 15u hebben we dan Cusco - de keizerlijke stad - bereikt.
Even waren we een van de Canadezen kwijt in het helse verkeer. Een korte zoektocht later was de groep weer compleet. Het hotel ligt in het midden van de stad (en op 3360 meter hoogte!). Tot hiertoe hebben we nog geen klagen omtrent accomodatie gehad.

's Namiddags al even naar de Plaza de Armas geweest. Cusco is alweer een ongelooflijk gezellige stad met ettelijke steegjes en historische gebouwen. Het telt zo'n 300.000 inwoners. Overal zijn kleine restaurantjes en pubs en er heerst een drukte van jewelste.
Ook veel backpackers hier.





Het is nu dinsdagmorgen en we zijn weer onderweg naar het centrum. Het warmt alweer flink op en het zal seffens weer tegen de 25 graden zijn. Hebben onderweg nog geen drupje regen gehad ondanks het feit dat we in de winter zitten.

's Avonds met het ganse team gaan eten aan de Plaza de Armas.
Even tevoren nog heel veel geluk gehad. Hebben enkele minuten in een steegje voor een winkeltje gestaan. Enkele seconden later toen we de hoek omdraaiden hoorden we plots een kreet. Net op de plaats waar we gestaan hadden was een vensterbalk naar beneden gevallen en op het hoofd van een voorbijganger terechtgekomen.
De balk was gebroken en de man lag bloedend aan het hoofd op de stoep. Onmiddellijk snelden voorbijgangers en politie toe om de ongelukkige te helpen.
Deze keer gekozen voor een buffet met ruime keuze aan vis- en vleesgerechten. Ook de cavia stond weer op het menu. Het diner werd opgeluisterd met optredens en traditionele muziek en dans.
Leuk temeer daar enkelen van onze tafel mochten meedansen :-)


Achteraf met de Amerikaansen nog een discotheekje bezocht... maar onmiddellijk weer buiten gegaan. Het bleek een duister en onwelriekend hol waar enkel buitenlandse toeristen vertoefden.

Volgende dag alweer vroeg opgestaan om Inca bouwwerken te bezoeken (oa. Ollantaytambo, Saqsayhuaman, Pisac). Van onze gids voor de dag 'Ruth' deskundige uitleg gekregen. Indrukwekkend
wat deze mensen klaarkregen, hoe groots was hun beschaving.
Sympathie voor de Spanjaarden die hier onder leiding van Francisco Pizarro uiteindelijk een einde aan maakten, neemt alleen maar af.
Door het listig tegen elkaar uitspelen van de twee Inkabroers -Atahualpa en Huascar - wist Pizarro rond 1533 het rijk ten val te brengen. In Saqsayhuaman (of 'sexy woman' zoals de gidsen plegen te zeggen ;-)) wordt elk jaar op 24 juli - tijdens de zonnewende - het Inti Raymi feest gehouden, de vereeuwiging van
het huwelijksverbond tussen de zon en zijn zonen, de mens.
Jammer, dit hadden we gemist.




Tegen de middag waren we terug in Cusco om uit te checken.
Vervolgens zijn we naar de Sacred Valley (Valle Sagrado) gereden, slechts een 80 kilometer verder, naar Urubamba. Onderweg, als verrassing, werd een bezoek aan de Maras zoutmijn ingelast. De weg ernaar toe liep over een onverharde piste, dus dubbel plezier!!
De mijn biedt inkomsten aan zo'n 400 families en ligt temidden van een vallei op redelijk grote hoogte. Van bovenuit bekeken, lijkt het op een honingraat van cellen gevuld met 10 tot 15 cm water. Na opdrogen, blijft het zout in de cellen achter en kan vervolgens opgeschept worden.





Tegen valavond, net voor de donker kwamen we aan in ons hotelletje. Het was een prachtig resort met individuele huisjes temidden van mooi aangelegde tuinen met beekjes, bruggetjes en bloemenperken. Nogmaals, over de accomodatie kunnen we zeker niet klagen.

De volgende dag rond 5u opgestaan om een busje te nemen naar Aguas Calientes. Hier vertrekt het treintje naar Machu Picchu. Door een staking hadden we het bezoek dat eigenlijk gisteren gepland was, naar vandaag moeten verschuiven. Gelukkig was dit mogelijk!
Zou absoluut zonde geweest zijn dit te moeten missen, nu we zo dicht in de buurt waren. Er mogen immers dagelijks slechts 2500 bezoekers mee. De staking had te maken met een protest tegen het monopolie van Peru Rail ivm het transport naar Machu Picchu.

Het busje bracht ons dus naar Aguas Calientes. Vervolgens namen we het treintje naar Machu Picchu. Dit spoorde langsheen de stromende Urubamba rivier en dwars door dicht bebost gebied naar boven. Onderweg blikten we op de Inca Trail (het voetpad naar de Inca vesting) en fladderden kleine groene papegaaien. Boven aangekomen wachtte Jorge (de man van Ruth en onze gids voor vandaag) op ons. Na ons nog even ingesmeerd te hebben met zonnelotion en muggenspray, stapten we op de bus voor de laatste
etappe. Kreunend door de haarspeldbochten en 20 minuten later bereikten we uiteindelijk de top en kwam de site in zichtsbereik.


Fantastisch! Helemaal tussen de bergtoppen kwam een prachtige stad in zicht. Een van de enige Inca vestigingen die door de Spanjaarden nooit ontdekt zijn. De tocht erheen verklaart waarom.
Het werd slechts in 1911 bereikt door de historicus Hiram Bingham.






Een terecht en erkend wereldwonder.
Jorge loodste ons door de stad en voorzag elk gebouw van de
nodige uitleg.

We waren hier wel niet alleen, toeristen van elke nationaliteit kruisten ons pad.
De rondleiding duurde zo'n 3 uur en daarna daalden we weer af voor een lunch in het stadje. De treinrit terug verliep deels in het donker. Onderweg werden we getrakteerd op een modeshow. De conductrice had haar brilletje afgezet, haar haar losgeknoopt en pronkte opeens in locale klederdrachten. Enkelen onder ons werden eveneens omgetoverd tot model en mochten, tot algemene hilariteit, mee de show verzorgen. Een chauffeur van het hotel wachtte ons op - eigenlijk was hij een half uurtje te laat - en bracht ons weer terug.
Alweer een geslaagde dag.



Na Machu Picchu moesten we naar Puno (aan het Titicaca meer), een stevige rit van zo'n 650 kilometer. Deze dag zou minder gesmeerd verlopen. Het was weer ontzettend koud 's morgens, zeker op de hogere stukken, het vroor. Tijdens de rit door fantastische landschappen merkte onze Amerikaanse vriend op dat
een Canadees, die iets te voren nog vlak achter hem reed, opeens niet meer volgde. Na even gewacht te hebben, keerden we terug en tot onze ontsteltenis zagen we de man en de motor in een bocht liggen. Laury had de bocht gemist en was in een betonnen greppel terecht gekomen. Onmiddellijk traden de dokters (Richard en Katy) in actie en we legden hem plat in het gras, bedekten hem met warme kleren om de shock tegen te gaan. Op het eerste zicht was er niets gebroken maar de man had verschrikkelijk veel pijn aan de
schouder. De motor was ernstig beschadigd (total loss?) en werd ondertussen op de pickup geladen.

Even later reden we met zijn allen naar het eerstvolgende dorp met ziekenhuis. Daar werd onze vriend in een rolstoel gezet (een tuinstoel met gemonteerde wieltjes) en naar binnen gereden. Hij kreeg voorrang op de plaatselijke bevolking en op aanraden van onze medische delegatie werd beslist onmiddellijk foto's te maken.
Wegens werkzaamheden in het ziekenhuis moest hij alweer langs buiten, op een berrie, over de kasseiweg naar een andere afdeling.

Vermits dit te pijnlijk was, droegen we hem maar. De foto's wezen uit dat er niets gebroken was maar schouderblad en pols wel gebarsten waren. Arm en pols werden daarom geimobiliseerd.

Na overleg en met spijt in het hart werd beslist om Laury met zijn reisgezel Carl naar Cusco terug te sturen en naar Canada te repatrieren. Hij kon zeker niet meer rijden en de motor was ook niet meer bruikbaar. De tranen stonden de man in de ogen, hij zat er zo mee in onze reis verstoord te hebben. Hij had tot zover
verschrikkelijk genoten van de trip en het gezelschap en had zo gehoopt een perfecte reis tot een goed einde te kunnen brengen.

Tegen dat we afscheid genomen hadden en weer op pad gingen, was het al redelijk laat. We hadden deze namiddag een afspraak met de Uros Indianen op de drijvende eilanden van het Titicaca meer maar zouden dit niet meer halen. Onze reisleider zou dan maar proberen morgenvroeg om 4u30 nog een bezoekje te
plannen. We hadden erna ook nog een rit van 750 km voor de boeg. Het zou dus een zeer zware dag worden. Iederen ging echter akkoord.
Daar we zo goed vorderden, bereikten we Puno nog voor de donker en konden we de plannen vooralsnog weer wijzigen. Het eilandbezoek zou toch nog kunnen doorgaan. Tijd om ons om te kleden hadden we echter niet. Direct na aankomst aan het hotel vlakbij het meer, stapten we in een busje naar de haven en
scheepten we in. De boot had zo'n 30 minuten nodig om de Indianen te bereiken.

Toen we van de boot sprongen zakten we weg in het zachte riet.
Iedereen liep hier blootsvoets. Met didactisch materiaal werd ons toegelicht hoe de eilanden samengesteld en onderhouden werden. Verder konden we kennis maken met de verblijfplaatsen van deze mensen, met hun levenswijze, met hun boten en met hun... koopwaar. Natuurlijk. Maar ook hier weer, vriendelijk en niet
opdringerig. Een klein meisje kreeg een munt van 5 soles, dankte verlegen maar liet het stukje even later uit haar handje vallen.
Kostte zo'n 5 minuten om het terug te vinden in het riet!
Sommigen van de bewoners waren van hun leven nog niet van dit eiland afgeweest. Ongelooflijk.
Tegen de vallende duisternis vaarden we weer terug. In de verte de duizende lichtjes van Puno.



Deze dag was een zeer droevige! Het zou onze laatste rit worden.
We hadden een 750 kilometer te verteren, zouden onderweg de grens met Chili terug oversteken en uiteindelijk aankomen in Arica.
Maar eerst dienden we ook afscheid te nemen van onze Amerikaanse vriendinnen - Katie en Meghan. Zij zouden nog enkele weken langer in Peru blijven om ondermeer de jungle en vervolgens Lima te gaan bezoeken. Bedankt voor jullie leuke gezelschap dames, we blijven in contact!
De rit was lang maar bood weer heel wat rijplezier en fantastische landschappen. Het laatste stuk ging over kaarsrechte, eindeloze wegen met een wind die tegen je in beukte.


Wegens verlies van bepaalde documenten verliep de grensovergang niet bepaald vlot.
Er dienden nieuwe documenten aangemaakt te worden en van de nodige stempels voorzien. Ook alle bagage moest van de pickup om door de scanner te gaan. Algemeen gegrom.
In de donker bereikten we Arica.


Twee uur later ging het verder naar Brussel. Daar landden we om 19u en werden afgehaald door familie.


Goed om weer thuis te zijn... maar tegelijk dromend van een volgende reis naar Zuid-Amerika ;-)
Met dank aan MotoAventura voor de perfecte organisatie!
Eveneens bedankt Michel & Jacinta, Richard & Katy & Meghan, Frans, Carl & Laurie voor het aangename gezelschap!

Luc Nolf
luno@advalvas.be
14 juli 2008

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen